Er zijn theesoorten die je drinkt. En dan zijn er theesoorten die je respecteert, bewondert en alleen ontkurkt op dagen die al goed begonnen waren. Keemun Hao Ya A behoort tot die laatste categorie. Deze ongekend elegante zwarte thee uit het Chinese Qimen-district is geen drank; het is een ervaring, een fluistering uit de bergen van Anhui, een herinnering aan mistige ochtendpluk met de hand van oude theeplukkers die hun vak met een sobere fierheid beoefenen.
Onder kenners wordt Keemun beschouwd als de Bourgogne onder de zwarte theeën: complex, subtiel, met een diepere laag die pas na enkele minuten volledig tot je doordringt. Maar niet elke Keemun is van hetzelfde kaliber. De aanduiding Hao Ya A is gereserveerd voor de hoogste graad van deze thee — het neusje van de zalm, de zijden das onder de zwarte infusies. Wie hem ooit correct gezet heeft geproefd, weet: dit is geen gewone thee. Dit is een les in verfijning.
Waar komt Keemun Hao Ya A vandaan?
Het dorpje Qimen (琴门) ligt in het zuidwesten van de provincie Anhui, ingeklemd tussen de mistige bergen van de Huangshan-regio. Deze streek, gekend voor haar koele temperaturen en hoge luchtvochtigheid, vormt het ideale terroir voor zwarte thee met aromatische diepgang. Terwijl Darjeeling wedijvert met muskaatachtige tonen en Assam zwaargewicht is met zijn moutige kracht, blinkt Keemun uit in delicatesse. Hij wordt nog steeds geproduceerd met technieken die teruggaan tot de late Qing-dynastie (ca. 1875), toen een lokale ambtenaar, afgereisd naar Fujian om theeverwerking te bestuderen, besloot om in zijn geboortestreek een zwarte thee van topniveau te cultiveren. Wat volgde was een thee die binnen de kortste keren hofleverancier werd van de Britse adel.
Hao Ya A verwijst naar een topklasse binnen het Keemun-aanbod. De term Hao (毫) betekent “dons” of “fijn haar” en verwijst naar de aanwezigheid van zilverachtige tipjes op de jonge theebladeren, een garantie voor zachtheid en complexiteit. De letter “A” is hier niet louter een classificatie, maar een trofee. Keemun Hao Ya B is al voortreffelijk; Hao Ya A is wat je serveert aan mensen die stil worden na de eerste slok.
Wat maakt deze thee zó bijzonder?
Wie Keemun Hao Ya A op traditionele wijze bereidt – in een kleine gaiwan of Yixing theepot – merkt meteen: dit is een thee die niet schreeuwt, maar fluistert met autoriteit. De droge blaadjes zijn klein, strak gerold, met een fluweelachtige glans. Bij het openen van het blik krijg je een eerste aroma dat doet denken aan orchideeën, cacao, pruimenhout en een zachte toets van leer – alsof iemand een Mahoniehouten boekenkast heeft laten weken in bloemenwater. Geen enkele andere zwarte thee komt in de buurt van deze geurcompositie. Niet Yunnan Dian Hong, niet Ceylon Uva, zelfs niet de meest gewassen Darjeeling First Flush.
Het mondgevoel? Zijdezacht, rond, zonder de bitterheid of tannines die je bij inferieure zwarte theeën vaak moet dulden. De afdronk is langdurig, met echo’s van donkere chocolade en iets rokerigs, haast mystieks. Bij een correcte infusie van ongeveer 85 tot 90 graden en een zettijd van 2 tot 3 minuten, ontplooit hij zich tot een theemoment van uitzonderlijke elegantie.
Hij is perfect geschikt voor gong fu cha, waar je meerdere korte infusies maakt, en bij elke trek een ander facet van zijn karakter leert kennen: eerst bloemig, dan wat aards, dan subtiel zoet. Je zou er een roman over kunnen schrijven — en sommigen hebben dat vermoedelijk ook al geprobeerd.
Hoe drink je Keemun Hao Ya A zoals het hoort?
Wie deze thee consumeert met een wolkje melk of een klontje suiker verdient een ferme tik op de pols. Keemun Hao Ya A moet je puur drinken. Enkel zo proef je zijn verfijnde schakeringen, zijn aristocratische zelfvertrouwen. Gebruik gefilterd of bronwater – kalk is de doodsteek van subtiliteit – en serveer hem in porselein of dunwandig glas. Vergeet het stenen mokken, het thermosglas of erger: de travel mug. Je zou ook geen Grand Cru schenken in een plastic bekertje, toch?
Voor wie durft: probeer deze thee eens naast een stukje bittere 85% chocolade, of een flinterdunne schijf geitenkaas. De harmonie is verbluffend. Hij kan ook verrassend goed passen bij foie gras, al geef ik daar zelf liever de voorkeur aan een lichtere Bai Mu Dan. Maar goed, smaken verschillen, althans bij gewone stervelingen 🍵.
Is hij zijn prijs waard?
Een eerlijke vraag, hoewel licht profaan. Ja, Keemun Hao Ya A is duurder dan de doorsnee zwarte thee in de supermarkt. En neen, je vindt hem niet in een kartonnen doosje met een kattenlogo op de verpakking. Maar dat is ook precies de bedoeling. Dit is geen thee die je gedachteloos zet tijdens het scrollen op je smartphone. Dit is een ceremonie in miniatuur, een ode aan wat thee ooit was voordat het een product werd.
Een goed bewaarde Keemun Hao Ya A – luchtdicht in een donker, niet-reactief blik – kan zijn kracht jarenlang behouden. Sterker nog: sommigen beweren dat een goed gerijpte Keemun aan diepgang wint met de jaren, alsof hij zich stilaan leert verzoenen met zijn bestaan. En laten we wel wezen: voor een thee die je tot tien infusies lang kunt drinken, en die je smaakpalet transformeert in een sensorisch baken, is de prijs gewoonweg gerechtvaardigd.
Ik beveel doorgaans de varianten van zhengshan origin of TeaDrunk aan, hoewel er ook uitstekende exemplaren circuleren van kleine producenten uit Qimen zelf. Let erop dat je altijd kiest voor een batch van voorjaarsoogst – de zogenaamde ‘First Pluck’. Wie in de zomer oogst, oogst bitterheid. Wie in het voorjaar oogst, oogst subtiliteit en potentieel voor grootsheid.
Waarom wordt Keemun Hao Ya A zo zelden genoemd?
Het is een van die theesoorten die nauwelijks genoemd wordt in de mainstream theecultuur, eenvoudigweg omdat hij zich niet leent tot massaproductie. In een wereld waar snelheid primeert op subtiliteit, waar matcha-smoothies en bubble tea de markt domineren, is een stille, elegante thee als Keemun Hao Ya A een zeldzame relikwie. Hij vraagt om aandacht, geduld en toewijding — drie kwaliteiten die men in deze tijd helaas moet opdiepen met een schepje. 📿
Toch zijn er signalen dat de interesse herleeft, vooral onder jonge verzamelaars en connaisseurs die genoeg hebben van de eentonige noten van infusies uit commerciële plantages. Steeds meer theebars met een ernstige attitude — ik bedoel, bars waar je geen ‘chai latte’ kunt bestellen zonder geëvacueerd te worden — beginnen Keemun terug op te nemen in hun rotatie. En dat is goed nieuws.
Keemun Hao Ya A is geen hype. Het is geen modieuze trend. Het is een theesoort die zichzelf overleeft, juist omdat hij niet meedeint op de golven van mode en mediagekte. Hij is wat hij is: gracieus, gelaagd, subliem. En voor wie bereid is te luisteren, spreekt hij boekdelen — zonder ooit zijn stem te verheffen. 🎼

